Eenvoudige tang, bestaande uit twee, met een eenvoudige profiellijst versierde, naar onder verjongende benen die uit een enkel, bovenaan gebogen plaatje zijn geslagen. De grepen zijn uitgewerkt als twee klauwen (als van een
mol).
Merken: benen: Minervahoofd met letter B in cirkel (keurkamerteken, 1832-1869); Janushoofd met 2 in rechthoek (gehalteteken, 1832-1869); H onder kaasmes? in vierkant (meesterteken)